|
| |
 |
|
| |
|
|
| |
|
|
|
Het moment van nageboorte
|
Na de geboorte van het kind wordt 10 minuten tot een half uur later de placenta (moederkoek) door het vrouwenlichaam uitgestoten. Dit wordt de nageboorte genoemd en kan pas gezegd worden dat de bevalling afgelopen. Om de verwijdering van de moederkoek te bespoedigen kan men opnieuw een Syntocinon.
Mocht het zover komen dat de moederkoek nog niet het lichaam heeft verlaten dan wordt de moederkoek door de gyneacoloog met de hand verwijderd. Dit zal een wond achter in de baarmoeder veroorzaken en zal herstel een paar weken duren. Gedurende die tijd zal de vrouw ook vloeien.
De bevalling voorbij
Ongeveer 10 dagen na de bevalling zal de vrouw nog vloeien. De bloedingen zullen dan ook veel sterker zijn dan tijdens de normale menstruatie. Na deze 10 dagen zal alles minder worden en zal het vloeien op een normale menstruatie lijken. Tegelijkertijd kan de vrouw pijnen in de buik of rug ervaren. Dit komt doordat de baarmoeder weer haar oorspronkelijk afmeting aan het nemen is en gaat dit gepaard met samentrekkingen.
Kraamverzorgsters zullen dan ook controles uitvoeren om te kijken of het herstel van de baarmoeder goed verloopt. Voor vrouwen die borstvoeding geven zal de baarmoeder sneller herstellen en zullen zij dus dan ook sterke samentrekkingen van de baarmoeder ervaren. Dit bespoedigt alleen het herstel van de wond door de verwijdering van de placenta en de achtergebleven wond.
Vrouwen die geen borstvoeding (kunnen) geven zullen dan ook een langzamer herstelproces ervaren en zullen toch wel een paar weken vloeien.
Vrouwen die borstvoeding geven zullen dan ook na 3 a 4 weken niet meer vloeien. Van belang is dat 6 weken na de bevalling er een controle plaats vindt door de verloskundige of gynaecoloog.
|
|

|
|
|
|
|